← Terug naar het helpcentrum

Een vragenlijst voor een object bewerken

Dit artikel legt uit hoe u vragenlijsten voor objecten in BriqSafe kunt bewerken, inclusief het zichtbaar, onzichtbaar of verplicht maken van vragen. Het is bedoeld voor gebruikers die verantwoordelijk zijn voor het bijwerken van objectgegevens en nalevingsinformatie tijdens risico-inventarisaties.

Opmerking

Vereiste rol: Inspecteur of hoger

Een vragenlijst voor een object bewerken

Vragenlijsten voor objecten bestaan uit velden die gekoppeld zijn aan de parameters van het objecttype. Het bewerken ervan houdt in dat u de geregistreerde gegevens en nalevingswaarden aanpast om de actuele staat van de apparatuur weer te geven.

  1. Open het object via de Objecten-lijst op de juiste locatie of afdeling.
  2. Ga naar de sectie Parameters. Deze velden worden bepaald door de gekoppelde parameterset van het objecttype en bevatten meetbare waarden die bij het object horen.
  3. Voer de parameterwaarden in of werk ze bij waar nodig en klik vervolgens op Opslaan. Hiermee verstuurt u de gegevens en wordt automatisch een herbeoordeling uitgevoerd op basis van risicoregels.
  4. Als een ingevoerde waarde een risicoregel overtreedt, verschijnt er een geel waarschuwingsteken bij het veld. Klik op het veld om het dialoogvenster Nalevingsprobleem te openen met een overzicht van de geactiveerde regels en de relevante voorschriften.
  5. Controleer uw wijzigingen en sla opnieuw op als verdere aanpassingen nodig zijn.

Let op: het wijzigen van het objecttype verwijdert parameterwaarden die niet door het nieuwe type worden ondersteund. Bevestig het objecttype voordat u parameters invoert om gegevensverlies te voorkomen.

Zichtbaarheid en verplichte status van vragen beheren

De zichtbaarheid en verplichte status van velden in de vragenlijst worden geregeld via de gekoppelde parametersets en de configuratie van het objecttype. Hoewel de specifieke bediening voor het aan- of uitzetten van zichtbaarheid en verplichtheid wordt beheerd via de beheerapplicatie in de secties Parameters en Parametersets, wordt de zichtbaarheid van velden in de vragenlijst vooral bepaald door welke parameters aan het objecttype zijn toegekend.

  1. Om te wijzigen welke velden in de vragenlijst van een object verschijnen, zorg ervoor dat de juiste parameters zijn gekoppeld aan de parameterset van het objecttype in de beheerapplicatie.
  2. Velden die in de parameterset zijn opgenomen, worden zichtbaar in de vragenlijst van het object voor het invoeren van gegevens tijdens risico-inventarisaties en objectbeheer.
  3. Om een veld verplicht te maken, moet dit binnen de parameterdefinitie in de beheerapplicatie als verplicht worden ingesteld. Verplichte velden moeten ingevuld zijn voordat u kunt opslaan.

Alleen gebruikers met de rol Beheerder in de beheerapplicatie kunnen parameters en parametersets aanmaken of aanpassen die de vragenlijsten bepalen.

Wijzigingen opslaan en goedkeuringsproces

Bij het bewerken van vragenlijsten voor objecten:

  • Gebruikers met de rol Inspecteur of hoger kunnen wijzigingen direct opslaan. De live gegevens worden dan onmiddellijk bijgewerkt.
  • Gebruikers zonder goedkeuringsrechten slaan hun aanpassingen op als openstaande wijzigingen. Het object komt in een wachtstand voor goedkeuring en wordt geblokkeerd voor verdere bewerkingen totdat een Inspecteur de wijzigingen beoordeelt en goed- of afkeurt.
  • Openstaande objecten kunnen door niemand worden bewerkt totdat de wijzigingen zijn goed- of afgekeurd. Afkeuring herstelt de oude gegevens of verwijdert nieuw toegevoegde objecten.
  • Alle wijzigingen worden geregistreerd met gebruiker en tijdstip in de Activiteitenhistorie.

Handmatige aanpassingen van de beoordelingsstatus

Na het opslaan van de vragenlijstgegevens beoordeelt het systeem automatisch het object als Voldoende of Onvoldoende op basis van de ingevulde parameters en geactiveerde risicoregels.

  1. Als de professionele inschatting afwijkt van het automatische resultaat, kan een Inspecteur de beoordelingsstatus handmatig aanpassen in de sectie Beoordeling door Voldoende of Onvoldoende te selecteren en op te slaan.
  2. Na handmatige aanpassing verschijnt een banner die aangeeft dat de status handmatig is ingesteld; de automatische beoordeling blijft voor controledoeleinden bewaard.
  3. Wilt u terug naar de automatische beoordeling, dan schakelt u de handmatige status uit en slaat u op. Het systeem berekent de status dan opnieuw bij het opslaan.

Let op: alleen opslaan vanuit de beoordelingssectie beïnvloedt de handmatige status. Het opslaan van parameters alleen zet handmatige aanpassingen niet aan of uit.

Belangrijke aandachtspunten

  • Het leegmaken van verplichte parametervelden verwijdert de opgeslagen waarden niet automatisch; het systeem slaat op zonder deze waarden, maar de oude waarde blijft behouden totdat deze wordt overschreven.
  • Leeggemaakte optionele parameters verwijderen wel de opgeslagen waarden bij het opslaan.
  • Een veld zonder waarschuwingsteken betekent niet per se dat het correct is; het betekent alleen dat geen risicoregel is geactiveerd door de ingevoerde waarde.
  • Het wijzigen van het objecttype nadat parameters zijn geregistreerd kan leiden tot verlies van gegevens die niet worden ondersteund door het nieuwe type.
  • Objecten die wachten op goedkeuring kunnen niet worden bewerkt totdat een Inspecteur of hoger een beslissing neemt.